Zichtbaar zijn voelde voor Inge Bosscha (49) als falen. God zag immers alles, en de duivel loerde op ieder moment van zwakte. Ze groeide op met het geloof dat gehoorzaamheid belangrijker was dan haar eigen gevoel. Pas veel later begreep ze hoeveel spanning dat jarenlang in haar lijf had veroorzaakt, daarover schreef ze het boek Mantel van Angst.
“Van jongs af aan groeide ik op met het idee dat God alles zag. Het idee dat ik nooit iets goeds kon doen en dat God voortdurend verdriet had over mijn zonden, was verpletterend. Ik hield zoveel van God en ik wilde Hem geen pijn doen, maar ik kon er niets aan doen. Daarom verstopte ik me liever. De duivel was voor mij ook een realiteit, iets waar ik voortdurend bang voor was. Ik wilde onzichtbaar zijn. Toen ik uit de kerk van mijn ouders stapte, voelde ik de noodzaak om me snel bij een andere kerk aan te sluiten. Niet alleen zou de duivel anders vat op mij kunnen krijgen, maar ik zou ook uitgaan als een kooltje buiten het haardvuur. Dan zou ik voor eeuwig verloren zijn. Ik had geleerd dat alles wat ik dacht, zei of deed bevlekt was met zonde. Dat maakte dat ik voortdurend het gevoel had dat ik degene waar ik het meest van hield teleurstelde.
Reactie plaatsen
Reacties